Cardiovasculair Risico

Maximale LDL-c verlaging: essentieel in de behandeling van cardiovasculaire patiënten1,2

Iedere patiënt heeft z’n eigen individuele risico op een (recidief) cardiovasculair event. Patiënten hebben daarbij ook iets met elkaar gemeen: voor iedereen geldt dat LDL-c een risicofactor is die aandacht en behandeling verdient. LDL-c is namelijk één van de belangrijkste, zo niet de belangrijkste behandelbare risicofactor.3

INTERHEART-studie: 9 modificeerbare risicofactoren nemen 90% van het risico op een myocard infarct voor hun rekening3$

LDL-c

Wat studies zeggen over LDL-c: hoe lager hoe beter4

Gelet op de grote impact van LDL-c is het één van de meest onderzochte risico-factoren. De ene na de andere studie heeft aangetoond dat een lager LDL-c synoniem is voor een lager cardiovasculair risico. Hoe lager het bereikte LDL-c des te groter het behandelvoordeel voor de patiënt.4
LDL-c
CV-events in HPS, CARE en LIPID betreffen overlijden door CHZ en niet-fataal MI. CV-events in 4S en TNT omvatten ook reanimatie na hartstilstand.

Door maximale verlaging van het LDL-c verkleint u de kans op een cardiovasculair event1,5,6

Met o.a. leefstijladviezen, statines en ezetimibe is er al veel bereikt om het LDL-c te verlagen en zo te zorgen voor minder cardiovasculaire events.7 Vandaag de dag is er een groep geneesmiddelen beschikbaar, de PCSK9- remmer, waarmee LDL-c en het aantal cardiovasculaire events verder wordt verlaagd. Hiermee wordt de volgende stap gezet in de behandeling van cardiovasculaire risicopatiënten.1,2
Voor de praktijk betekent dit een behandeling die het LDL-c nog verder verlaagt. In de CVRM-richtlijn 2019 is dan ook een LDL-c verlaging tot minstens onder 1,8 mmol/l opgenomen als behandeldoel voor patiënten die reeds een cardiovasculair event hebben doorgemaakt.2

Minder cardiovasculaire events. Het kan1,2

Voorbeeld: door verdere verlaging van het LDL-c met gemiddeld 60 % bij patiënten met recidief infarct wordt het risico op cardiovasculaire events met minstens 20% verlaagd.1,5,6
LDL-c
LDL-c
LDL-C: Low-density lipoprotein cholesterol; HDL-C: High-density lipoprotein cholesterol; MI: myocardinfarct; HPS: Heart Protection Study; CARE: Cholesterol and Recurrent Events Trial; CHD: coronaire hartziekte; LIPID: Long-term Intervention with Pravastatin in Ischaemic Disease; 4S: Scandinavian Simvastatin Survival Study; TNT: Treating to New Targets Study.
  • INTERHEART-studie: een gecontroleerde studie opgezet in 52 landen om de rol van modificeerbare risicofactoren op MI vast te stellen. Er werden 15.152 patiënten en een controlegroep van 14.820 patiënten ingeschreven. Bovenstaande data betreft risicofactoren die van toepassing zijn op de gehele studiepopulatie (zowel mannen als vrouwen), bijgesteld voor alle risicofactoren. De risicofactoren zijn bepaald voor de volgende vergelijkingen: Roker: ja of nee. Voeding: dagelijkse groente- en fruitinname, nee of ja. Beweging: regelmatiggemiddelde beweging of intensieve lichamelijke beweging, nee of ja. Geschiedenis van hypertensie: ja of nee. Geschiedenis van diabetes: ja of nee. Vetten: ApoB/ApoA1-ratio, bovenste of onderste kwintiel.
  • Key secundair samengesteld eindpunt: cv-sterfte, myocard infarct of beroerte. 3-jaars KM-rate.#
  • Note: Primair samengesteld eindpunt subanalyse: cv-event (cv-sterfte, myocard infarct of beroerte, ziekenhuisopname voor instabiele AP of coronaire revascularisatie): 18% RRR.
Referenties
  1. SmPC Repatha® januari 2020.
  2. Richtlijn Cardiovasculair risicomanagement (CVRM), www.nhg.org/themas/artikelen/mdr-cvrm (geraadpleegd op 7 februari 2020).
  3. Yusuf S, et al. Lancet. 2004;364:937-952.
  4. LaRosa JC, et al. New Engl J Med. 2005;352:1425-1435.
  5. Sabatine MS, et al. New Eng J Med. 2017;376:1713-1722.
  6. Sabatine MS et al, Circulation. 2018;138:756–766.
  7. Jonkers, A. Volkskrant. 2018.